Het college van Zwolle stelt voor om de vaste afvalstoffenheffing in 2027 met 21,6 procent te verhogen. Voor een meerpersoonshuishouden is dat 58,77 euro per jaar extra, voor een eenpersoonshuishouden 47,01 euro. Ter vergelijking: de meeste andere gemeentelijke tarieven in Zwolle stijgen met 2,9 procent. De gemeenteraad besluit erover op 13 november, bij de behandeling van de begroting.
De echte verandering zit niet in het tarief
Wat dit voorstel bijzonder maakt, is niet de hoogte maar de herkomst van een deel van die stijging. Zwolle rekende tot nu toe 30 procent van de kosten voor straatreiniging en zwerfafval toe aan de afvalstoffenheffing; dat wordt 36,5 procent. En de kosten voor het opruimen van afval dat naast containers wordt gedumpt, gaan voortaan volledig onder die heffing vallen.
Samen levert dat 555.000 euro aan extra toegerekende kosten op voor stadsreiniging, plus 310.000 euro voor afvalcoaches, toezicht en handhaving. De gemeente schrijft er zelf eerlijk bij dat hierdoor ruimte ontstaat in de algemene begroting; in het coalitieakkoord staat de afspraak om via een andere kostenverdeling een miljoen euro vrij te spelen.
Beleidsmatig is daar iets voor te zeggen: wie veroorzaakt, betaalt. Maar het gevolg is wel dat bijplaatsing verschuift van een post op de algemene begroting naar een post op de rekening van elk huishouden — ook van huishoudens die niets naast de container zetten.
Het vliegwiel dat hierin zit
Zet de twee bewegingen naast elkaar en er ontstaat een cirkel die gemeenten zich zouden moeten aantrekken. Het variabele tarief per zak stijgt met ongeveer een zesde. Dat vergroot de prikkel om restafval te scheiden, en tegelijk de prikkel om het ergens anders kwijt te raken. Elke kilo die niet in de eigen container gaat, is immers geld.
Wat ernaast belandt, moet worden opgeruimd. Die opruimkosten zitten vanaf 2027 volledig in diezelfde heffing. Meer ontwijking betekent dus een hogere heffing, en een hogere heffing vergroot de prikkel tot ontwijken. Niemand ontwerpt dat zo, maar het zit wel in de constructie.
Wat Zwolle wél en niet weet
In antwoord op vragen van Swollwacht en VVD maakte het college nieuwe cijfers bekend. In het eerste halfjaar van 2026 zijn 11.998 bijplaatsingen geregistreerd, tegen 8.741 in dezelfde periode een jaar eerder: een stijging van ruim 37 procent.
De gemeente plaatst daar zelf meteen een kanttekening bij, en dat verdient waardering: die 37 procent betekent niet automatisch dat er 37 procent meer is gedumpt. Door betere registratie en intensiever toezicht worden méér gevallen vastgelegd, en er kunnen dubbele registraties tussen zitten. Precies het punt dat we eerder maakten bij de meldingen in Hilversum: een meldingenaantal meet hoe vaak iets wordt waargenomen, niet hoeveel er ligt.
Opvallender is wat de gemeente níét weet. Hoeveel kilo afval er jaarlijks naast containers belandt, wordt niet apart bijgehouden. Wat wel bekend is, zijn de kosten: ROVA bracht in 2025 bovenop de reguliere afspraken 235.219 euro in rekening voor het verwijderen van bijplaatsingen en dumpingen, en een extra handveger plus boa kostten gedurende ongeveer anderhalf jaar zo’n 200.000 euro per jaar.
Daarmee ontstaat een ongemakkelijke situatie: de kosten van bijplaatsing gaan volledig naar de inwoner, terwijl de omvang van het probleem alleen in registraties en niet in kilo’s bekend is. Een gemeente die straks wil laten zien dat de aanpak werkt, kan dat met deze cijfers niet hard maken — een daling van het aantal registraties kan immers ook betekenen dat er minder is geregistreerd.
Twee derde is grofvuil, en dat verandert de oplossing
Het grootste deel van de geregistreerde bijplaatsingen bestaat uit grofvuil: meubels en andere grote spullen. Ongeveer een derde is gewoon restafval. Dat onderscheid is bepalend, want het zijn twee verschillende problemen met twee verschillende oplossingen.
Restafval naast de container wijst op capaciteit, ledigingsfrequentie, een storing of een te kleine inworpopening. Grofvuil naast de container wijst op de route naar het brengstation of de wachttijd voor een ophaalafspraak. Diezelfde tweedeling kwamen we tegen in Almere, waar een vuilnisophaler uitlegde dat inwoners drie tot vier weken op een grofvuilafspraak wachten terwijl ze het nú kwijt willen.
Een hogere heffing verandert aan geen van beide iets. Een kortere wachttijd voor grofvuil en een containerpark dat het aanbod aankan, wel.
Wat wij gemeenten zouden adviseren
- 01
Meet iets dat niet meebeweegt met uw eigen inzet
Registreer naast het aantal meldingen ook het opgeruimde gewicht of het aantal opruimritten per locatie. Anders kunt u na een jaar niet aantonen of de aanpak werkt.
- 02
Splits grofvuil en restafval in de registratie
Twee derde grofvuil vraagt om een andere maatregel dan een derde restafval. Zonder dat onderscheid stuurt u op een gemiddelde dat niet bestaat.
- 03
Controleer de capaciteit vóór de tariefwijziging
Kijk op de drukste locaties naar de vulgraad vlak voor lediging. Een container die structureel vol zit, wordt bij een hoger tarief een excuus in plaats van een ongemak.
- 04
Leg vast wat waar staat
Welke container, welke capaciteit, welk toegangsregime en welke ledigingsfrequentie: zonder containerregistratie is elke onderbouwing richting de raad een schatting.
Bij een tariefstijging van deze omvang zullen inwoners vragen waar hun geld heen gaat, en raadsleden zullen willen weten of de extra inzet iets oplevert. Beide vragen zijn alleen te beantwoorden met gegevens per locatie. Dat is geen administratie achteraf, maar de basis onder het besluit.
Hoeveel stijgt de afvalstoffenheffing in Zwolle in 2027?
Het college stelt een stijging van 21,6 procent op het vaste tarief voor: van 217,78 naar 264,79 euro voor een eenpersoonshuishouden en van 272,22 naar 330,99 euro voor twee of meer personen. De gemeenteraad besluit op 13 november.
Waarom stijgt de afvalstoffenheffing zo hard?
Door hogere verwerkingskosten, belastingen, duurdere dienstverlening en tegenvallende opbrengsten van grondstoffen, en doordat Zwolle meer kosten aan deze heffing toerekent: meer straatreiniging, meer btw en voortaan alle kosten voor het opruimen van afvaldumpingen.
Mag een gemeente opruimkosten van dumpingen in de afvalstoffenheffing stoppen?
Gemeenten bepalen zelf welk deel van de kosten rond afval en reiniging zij aan de afvalstoffenheffing toerekenen, binnen de regel dat de heffing niet meer dan kostendekkend mag zijn. Zwolle verhoogt die toerekening voor straatreiniging van 30 naar 36,5 procent en brengt dumpingen voortaan volledig onder de heffing.
Wat kost het opruimen van bijplaatsingen een gemeente?
In Zwolle bracht ROVA in 2025 bovenop de reguliere afspraken 235.219 euro in rekening voor het verwijderen van bijplaatsingen en dumpingen. Een extra handveger en boa kostten daarnaast ongeveer 200.000 euro per jaar.
Helpt een hoger tarief tegen afval naast de container?
Niet vanzelf. Een hoger tarief per zak vergroot zowel de prikkel om te scheiden als de prikkel om afval elders kwijt te raken. Welke kant wint, hangt af van de capaciteit en de inrichting van de containerlocaties en van hoe eenvoudig het is om grofvuil correct aan te bieden.
Bron: RTV Focus Zwolle, ‘Afvalbelasting Zwolle schiet omhoog: ook kosten van afvaldumpingen naar inwoners’, 9 oktober 2026, op basis van de Tarievennota 2027 van de gemeente Zwolle.